Ga je nog nieuwe printfabrieken openen naast die in New York en Eindhoven?

“Vooralsnog niet. Maar dat we op termijn gaan uitbreiden, staat vast. Twee vestigingen lijkt wellicht weinig gezien onze ambities, maar vergeet niet dat elke fabriek de nodige aandacht en investeringen vergt. Over het eerste; ik doe liever één ding goed dan meerdere dingen slecht. Daarbij moeten onze fabrieken rendabel zijn en dus een bepaalde productie draaien. Tot op heden is de vraag nog niet zo groot dat een derde fabriek zinvol is. Het zou alleen maar tot een kostenstijging leiden.”

Er zijn vijf manieren om 3D te printen, waarvan jullie er drie gebruiken. Waarom niet allemaal?

“Met de huidige drie methodes (poeder, plastic druppels en poeder én binder, red.) voorzien we in de behoefte van onze community, zo’n half miljoen leden, zo blijkt uit hun feedback en de inzichten uit eigen onderzoek. Daarnaast zijn de printmachines die wij gebruiken – zo’n 28 in totaal – niet goedkoop, en dus moet je keuzes maken. Neem onze kleinste printer, die een printvolume heeft ter grootte van een kleine magnetron, die print twintig tot honderd producten per dag en kost zo’n tachtigduizend euro per stuk. De grootste variant, ter grootte van een gemiddelde koelkast, heeft een prijskaartje van rond de achthonderdduizend euro en print duizenden producten per dag. Dat zijn andere prijzen dan die voor een consumentenprinter.”

Hoe schat je de toekomst van het thuisprinten in?

“Dat aandeel zal blijven groeien, maar ik zie daar geen grote toekomst voor weggelegd. Voor je idee, we hebben als Shapeways momenteel al meer klanten, ruim tweehonderdduizend, dan er 3D-printers thuis staan. Daarnaast kunnen die apparaten vaak maar één materiaal aan en kost het heel veel tijd voor je er iets substantieels mee geprint hebt. Vergeet niet dat een product dat uit de printer komt vaak niet af is en nog een aantal behandelingen moet ondergaan, bijvoorbeeld polijsten of andere afwerkingen, een service die wij onze klanten bieden. Daarnaast behelst 3D-printen nog steeds meer dan slechts één druk op de knop, waardoor ondersteuning vaak gewenst is. Bedenk ook dat niet alle creaties geprint kunnen worden; sommige ontwerpen zijn erg kwetsbaar of soms zijn er technische beperkingen.”

Bij de HEMA kan je tegenwoordig ook 3D-geprinte producten bestellen. Verwacht je nog serieuze concurrentie van dergelijke retailers of pure players als bol.com?

“Nee. De combinatie van een community, eigen printfabrieken, een uitgebreid leveranciersnetwerk en het feit dat je bij ons zelf een online webshop kunt openen, zie ik anderen niet nadoen. In die zin hebben we geen concurrentie. Daarnaast is de HEMA in deze louter een verkooppunt van 3D-producten die elders worden geprint. En biedt het geen community of ondersteuning zoals wij die hebben. Een pure player als bol.com zie ik niet snel instappen. Hun kracht is het kopen en verkopen van spullen en daar marge op maken. Wellicht zullen ze het proberen, maar met een linkje op de website alleen ben je er niet. Wat ik eerder voorzie, is dat zij via een softwarescriptje linken naar een 3D-printfaciliteit zoals de onze, waarbij geïnteresseerden met een simpele tool bestaande producten kunnen pimpen en laten printen.”

Op eBay en Etsy kan je tegenwoordig ook 3D-geprinte producten kopen, ook ontwerpen uit jullie eigen community. Wat vind je daarvan?

“Ik zie die platformen eerder als een alternatief distributiekanaal voor onze gebruikers. En dus een mooie promotie voor wat we doen. Daarnaast printen wij een deel van die producten, dus levert het ons indirect ook omzet op.”

Hoe zit het met het vermarkten van de Shapeways Shops?

“In het verleden deden wij dat, maar dat werkte niet goed. Je merkt dat consumenten hun vrienden of kennissen – lees shopeigenaren en communityleden – meer vertrouwen dan een bedrijf. En dus faciliteren we onze gebruikers om zelf hun artikelen te promoten. Ook op sites als Twitter, Facebook en Pinterest. Hun bereik is tezamen groter dan wij als bedrijf ooit zouden kunnen behalen. Het levert sommige makers maandelijks duizenden dollars aan inkomsten op.”

Sinds een half jaar kan je op jullie platform ook aan de slag met creaties van onder meer Star Wars, My Little Pony en Transformers. Hoe loopt dat?

“De samenwerking met Hasbro, die de IP-rechten van deze merken bezit, is nog te pril om al conclusies te trekken. Dat onderdeel begint net tractie te krijgen. We verwachten daar wel veel van. Het feit dat een van de grootste speelgoedfabrikanten inziet dat het tot op zekere hoogte vrijgeven van hun IP-rechten een win-win is voor zowel de brand als de consument, kan ik alleen maar toejuichen. Zolang onze community het ethisch netjes houdt en het eindresultaat geschikt voor kinderen blijft, is wat hen betreft alles geoorloofd. Dat spreekt een grote fanbase aan.”

Hebben jullie Hasbro zelf benaderd?

“Nee, zij kwamen naar ons toe. Per verkocht product krijgen zij een revenue share. Voor ons betekent het simpelweg meer omzet en een groter bereik. Als het een succes wordt, is het een mooie showcase en gaan we nog meer Hasbro-brands toevoegen. Ook merken waar zij niet zelf de rechten van bezitten, maar wel in beheer hebben. Dat zal echter nog wel een paar jaar op zich laten wachten. Eerst maar eens kijken hoe dit zich ontwikkelt. Diverse andere marktpartijen volgen deze stap overigens met belangstelling en zijn we mee in gesprek. Uiteindelijk verwacht ik dat in 2025 zo’n tien procent van alle online bestelde producten uit een 3D-printer komt.”